← haes zn pad

Waar komen tekstballonnen vandaan?

geschiedenis tekstballon stripverhaal - haes

kunst van de tekstballon – deel I

Een van de meest kenmerkende elementen van het stripverhaal is de tekstballon. Je weet wel, zo’n gek bolletje waarin dan de gesproken tekst van de stripfiguren staat.
In dit artikel vertel ik hoe de tekstballon als een soort noodzakelijk kwaad ontstond en welke eisen jij als lezer er eigenlijk aan mag stellen.

HYBRIDE KUNSTVORM

Het stripverhaal is een hybride kunstvorm.
Het gebruikt zowel beelden als woorden.
Eigenlijk zoals een film zowel visueel als auditief is.
Het verschil met strips is echter dat de timing van het verhaal bij de lezer ligt. Terwijl een film gewoon doorspeelt – ook als je even niet oplet. De striplezer bepaalt zelf waar hij/zij de focus legt.
Dat legt een enorme verantwoordelijkheid bij de lezer. De schrijver kan alleen maar hopen dat hij voldoende hints en handreikingen achter laat om de lezer mee te nemen het verhaal in.
Een belangrijk middel daarvoor is de tekstballon.
tekstballon oppompen - haes illustraties

Stripgrootheid Will Eisner noemde tekstballonnen al een ‘desperation device’. Een wanhopige oplossing voor een onoplosbaar probleem. Want, in het dagelijks leven zien we gesproken tekst natuurlijk niet, maar horen het.
Als een soort compromis schreven tekenaars de gesproken teksten naast de figuren. En uiteindelijk in ballonnetjes, voor de duidelijkheid.

eisner my words cannot be seen

Eisner stelt dat de tekstballon ontstond uit de ‘ademwolkjes’
die te zien zijn als iemand spreekt.

VOLLE PLAATJES

Zo werden tekstballonnen langzaam de manier om belangrijke informatie over te dragen. Zeker wanneer een scenarioschrijver zijn tekenaar niet helemaal vertrouwt, is het voor hem veiliger de informatie als dialoog in een ballon op te nemen. Liever dat dan een tekenaar die een scene verprutst.
In het ergste geval leidt dat tot strips waarin de tekstballonnen zo propvol staan dat er haast geen ruimte voor de tekeningen meer overblijft.

tekstballon veel tekst - haes illustraties
Dit kan een economische oplossing zijn, soms zijn gebeurtenissen zo lang(dradig) dat het kan helpen om in één frame dit kort samen te vatten. Maar een goed scenarioschrijver zou altijd rekening moeten houden met het feit dat zijn medium…visueel is.

In drawing on the funny side of the brain (van Christopher Hart, voordat hij boekjes over manga en meiden publiceerde) staat de vuistregel “maximaal 18 woorden per tekstballon, liefst minder”.
Hij schrijft die vooral voor humor/gag-strips, maar het zou fijn zijn als sommige scenarioschrijvers van avonturenstrips hier ook wat vaker naar zouden luisteren.

Als de dialogen proza worden en de tekeningen het visuele equivalent van “hij zei”, eindig je met een reeks pratende hoofden.
En een lezer die zich afvraagt waarom dit in godsnaam een strip is.

TIP VOOR DE LEZER

Als striplezer kun je er dus vanuit gaan dat de informatie in tekstballonnen belangrijk is. Alleen plaatjes kijken mag natuurlijk, maar dan zul je moeten accepteren dat je niet alles begrijpt.
Dat betekent natuurlijk wel dat je ook van de schrijver mag verlangen dat die zorgt voor een goede tekstuele en visuele mix. Als je overdreven veel tekst tegenkomt die het tekenwerk ondermijnt, mag je daar terecht over klagen.

VRAAG VOOR JOU:

Ken jij een voorbeeld van strips met een goede tekst/tekening-verhouding?
Of juist strips die veel te veel tekst gebruiken?
Laat het me weten in het commentaar veld hieronder!

Lees verder in deel II

(19) awesome folk have had something to say...

  • Theodoortje - Beantwoorden

    20 oktober 2015 at 09:19

    Pfoe, lastig!
    Ik ken geen voorbeelden, maar vind het wel interessant om te lezen!

    • haes - Beantwoorden

      20 oktober 2015 at 10:06

      haha, wat?! jij als stripfanaat kent GEEN voorbeelden?! teleurstellend Theo…:)

  • christiaantje - Beantwoorden

    20 oktober 2015 at 09:24

    ik sluit me aan bij theo:) superleuk zulke ‘wist-je-dat’jes over een strip-element. Nooit zo over nagedacht, en nu dus wel, yay:)

    • haes - Beantwoorden

      20 oktober 2015 at 10:07

      Ach, ik laat je graag denken over dingen waarvan je niet wist dat je er graag over nadacht…

  • Tamara - Beantwoorden

    20 oktober 2015 at 10:43

    Hmm, er zijn heel veel voorbeelden ^^ Vooral omdat je vraagt naar goede en slechte voorbeelden. Ik zal mij beperken tot webcomics, want die zijn makkelijk te vinden.

    Een slecht voorbeeld is Dominic Deegan (http://www.dominic-deegan.com/view.php?date=2005-10-16). De hele strip bestaat bijna alleen maar uit talking heads. En toch is het niet onleesbaar. Als je niet teveel verwacht van het verhaal is het best leuk zelfs ^^

    Een goed voorbeeld… Ik ben op dit moment erg dol op Unsounded (http://www.casualvillain.com/Unsounded/comic/ch09/ch09_35.html). Ik heb net even geteld, hij houdt zich niet aan de max 18 woorden per ballon, maar hij maakt wel heel leuk gebruik van de pagina en het feit dat het een webcomic is (soms bewegen delen, of vliegt er opeens iemand van de pagina af, of zakt erdoorheen naar onder)
    Een andere goede is Stay Still. Stay Silent (http://www.sssscomic.com/comic.php?page=406) die gebruikt kleine gezichtjes in de ballonnen als de sprekers buiten beeld zijn of vlaggetjes als ze in verschillende talen spreken (wat nog weleens gebeurt, want de hoofdpersonen spreken bijna allemaal andere talen). Volgens mij houdt zij zich wel aan de max 18 regel, in ieder geval op de paar pagina’s die ik net snel heb geteld.

    • haes - Beantwoorden

      23 oktober 2015 at 10:06

      Wow, dankjewel Tamara, wat een uitgebreide lijst!
      En goede comic-tips die ik allemaal nog niet kende.
      Ik zal je voorbeelden verwerken in dit bericht (zodra ik tijd heb :P).

  • Arnoud - Beantwoorden

    20 oktober 2015 at 13:06

    Een mooi voorbeeld van overvolle tekstballonnen vind ik bij Olivier Blunder. Alsof de tekst nog niet genoeg is worden er ook nog ballonnen toegevoegd waar geen inhoud, maar alleen “mood-uitingen” in staan (hop, bof, etc)

    • haes - Beantwoorden

      23 oktober 2015 at 10:07

      Thanks Arnoud, Olivier Blunder hoor ik meer inderdaad.

    • Joost - Beantwoorden

      23 oktober 2015 at 11:17

      Olivier Blunder was ook waar ik meteen aan dacht. Ik moet ze nodig weer eens opzoeken…

  • Bertin - Beantwoorden

    20 oktober 2015 at 13:25

    Een goede leerschool voor striptekenaars zijn stomme films. Meesterwerken als Sunrise, The Lodger of Street Angel vertellen een verhaal met vrijwel alleen beeld.

    • haes - Beantwoorden

      23 oktober 2015 at 10:08

      Bedankt Bertin, dat is inderdaad een goed punt. Zeker de manier waarop stripfiguren echt kunnen ‘acteren’ met hun hele lichaam, wordt wel eens over het hoofd gezien. Hoewel ik ook denk dat er wezenlijke verschillen zijn tussen film en strip, maar daarover later meer 🙂

  • Marieke - Beantwoorden

    20 oktober 2015 at 13:33

    In mijn herinnering waren er ook stripboeken waar de tekst onder de plaatjes stond. Oude Suske en Wiskes? Of Olivier B. Bommel?

    • haes - Beantwoorden

      23 oktober 2015 at 10:09

      Hey Marieke, ja jij bedoelt Bommel denk ikzie hier

      • Joost - Beantwoorden

        23 oktober 2015 at 11:19

        De Bommelreeks die nu opnieuw wordt uitgegeven ben ik – tot verdriet van mijn echtgenote – aan het verzamelen. Ik merk wel dat ik vooral het verhaal lees en minder aandacht heb voor de tekeningen bij Toonder, en da’s toch ook een soort van jammer.

        • haes - Beantwoorden

          23 oktober 2015 at 20:46

          oei, da’s een subliem mooie uitgave Joost! En prijzig (ik snap je echtgenote, dat had een nieuwe fiets voor de kinders kunnen zijn!). Blijf kijken naar die plaatjes he!

  • henk - Beantwoorden

    20 oktober 2015 at 17:06

    Wat ben je lekker bezig. Dank je wel. Het stripgebeuren krijgt voor mij extra inhoud. Inderdaad is het evenwicht tussen beeld en tekst iets om over na te denken.
    Aan de andere kant is er, in de balans, ook het verhaal, dat wat je vertellen wil.
    Denk aan de strips van Toonder.. Het ergst vind ik als het beeld zodanig overheerst dat het verhaal zoek raakt. Kan me dat bij tekenaars voorstellen. Jij hebt dat gelukkig niet.
    groet
    Henk

    • haes - Beantwoorden

      23 oktober 2015 at 10:20

      Dankjewel hiervoor Henk. Goed om te horen dat er op deze manier wat extra inhoud wordt toegevoegd voor jou, dat is precies de bedoeling :D.
      Je punt over tekenaars is een goede en zeker een die de stripmaker altijd in z’n achterhoofd zou moeten houden.

  • Paul - Beantwoorden

    29 oktober 2015 at 02:19

    Dick Matena heeft nogal wat literaire romans verstript, waarbij bij het beeld ondergeschikt is gemaakt aan het geschrevene van de literartor (De Avonden en Kort Amerikaans) Nu is hij bezig om op z’n Toonderiaans Turk Fruit van een strook beeld te voorzien bij een stuk tekst van Jan Wolkers. Voor de een is het een aanval op het werk van de romanciers, voor mij een interessante verrijking van het boek en de strip.

    • haes - Beantwoorden

      29 oktober 2015 at 15:51

      Dankje Paul. Matena doet inderdaad veel van dat soort werk. Hij werd ook al genoemd bij deel I van deze serie. Het aparte vind ik dat hij alle tekst integraal overneemt. Dan kom je toch op een soort ‘geïllustreerde roman’ uit in plaats van een stripverhaal (waar woord en beeld volgens mij elkaar moeten versterken). Begrijp me niet verkeerd hoor, De Avonden (bijvoorbeeld) ziet er prachtig uit! Maar al die tekst…ik vraag me gewoon zo af waarom 🙂 Maar een interessant experiment is het zeker.

Please leave a Comment